Hoe beleven bewoners van de Achtse Barrier hun wijk?

Met de knapzak paraat....op safari

Met de knapzak over de schouder op verhalen-expeditie door de wijk Achtse Barrier.

Woensdag 17 januari was de eerste tocht door de wijk met een aantal bewoners; de tweede volgde op zaterdag 27 januari. Sietske Klooster van Samen Beter en Wendy Boeijen van Buro Cement begeleidden de groep en zorgden voor een enorm enthousiasme. Met zijn allen gingen ze op zoek naar verhalen van buurtbewoners over het sociale welzijn; hoe beleven zij de wijk en wat is interessant om terug te vinden op het digitale Buurtplein www.achtsebarrier.nl. Want dat is de insteek van de buurt-safari.

Centraal-Wonen woon-community met eigen digitaal platform

Op bezoek bij haar thuis, een gezinshuis, binnen de Centraal-Wonen-wijk. Een concept dat op een aantal plaatsen in Nederland van de grond kwam in de jaren 80. Madelon staat net wat te koken en heeft wel een paar minuten om bij haar aan te schuiven.

Hoe is de Achtse Barrier voor jou?
Een hele saaie wijk, met een heel mooi park. Ik zou in dat park graag een koffietentje of eetcafétje willen.

Wat is het belang van gezondheid en geluk voor jou?
Dat is alles voor mij en ik vind het hier in de straat.

Waarom ging je hier wonen?
Na mijn studie aan de TU/e, verhuisde ik van het studentenhuis naar een appartement. Dat vond ik erg saai. Het Centraal Wonen ontstond toen en ik ben daarin gestapt. Hier vormen we onze eigen gemeenschap, ook qua doorstroom.

Heeft deze gemeenschap een digitaal platform?
Ja een intranet. Vroeger was het een krantje, ‘Straatpraat'. Nu is het een interactief online platform, waar van alles gebeurt. Tot en met spullen aan elkaar aanbieden aan toe.

Heb je buiten deze buurt nog een link met de grotere wijk?
Nee. Er zijn wel mensen in deze buurt die initiatieven ontplooien naar de grotere wijk Achtse Barrier, zoals de Beste Buur van Nederland; zij organiseert ‘Schuif Aan En Eet Mee', maar ikzelf doe dat niet.

De wijk is grotendeels VVD en PVV, maar hier zijn we wat linksig en worden ook wel als de wat vreemde groep bekeken.

Hoe is deze buurt ontstaan?
Het is gebouwd vanuit Centraal Wonen, op bouwgrond die in deze wijk beschikbaar was in de jaren 80. Het is gebouwd vanuit de Centraal wonen principes, van woongroepen met verschillende samenstelling. Daarin zitten gezinswoningen, woningen voor alleenstaanden, ouderen, etc.
Het zijn zelfstandige woningen en daarbij heeft elke woongroep een gemeenschappelijke ruimte. De buurt van woongroepen hebben samen weer een buurthuis.

Dragen jullie zorg voor elkaar en hoe dan?
Onze wijk ziet erop toe dat hier niet persé hulpbehoevenden komen wonen. Dat kunnen we niet aan en daarop zijn we niet gericht. Wel zorgen we voor elkaar als we hulp nodig hebben. Zo heb ik anderhalf jaar gekookt voor een tachtigjarige vrouw. Ze kon zelf niet meer makkelijk koken en at soms met ons mee. Toen bedacht ik dat ik net zo goed elke avond voor een persoon meer kon koken en haar dan een portie te brengen (naast die avonden dat ze ook wel aanschoof). Een kleine moeite als je toch voor een heel gezin moet koken.

 

Voor jongeren van mijn leeftijd is er niet zoveel in de wijk

Op bezoek bij Fleur (15) thuis. Ze zit te studeren. Haar moeder is Beste Buur van Nederland dit jaar, maar is niet thuis (ze organiseert ‘schuif aan en eet mee' in de wijk). Ze wil wel tijd maken om onze vragen te beantwoorden.

Hoe vind je het om hier in de wijk te wonen?
Daar heb ik nooit over nagedacht eigenlijk. Op mijn vijfde zijn we hier komen wonen. Ik ben niet heel erg betrokken bij de hele wijk. Het is een hele grote wijk, voor mijn gevoel. Hier in de straat zeg ik ‘hoi' tegen de mensen die ik tegenkom. Maar van de rest van de wijk weet ik niet zoveel.

Wat zijn voor jou belangrijke plekken in de wijk?
Soms kom ik bij De Mortel, op uitnodiging van mijn moeder. Zij organiseert daar ‘Schuif aan en eet mee'. Er komen daar vooral veel oudere mensen, en ook vaak dezelfde. Maar het is maar een klein percentage van de wijk dat daar komt. De rest van de wijk is voor mijn gevoel meer met zichzelf bezig.
Vroeger speelde ik veel buiten op het pleintje in de straat. Ik ging eigenlijk nooit de straat uit om te spelen. Ik zit nu op het Stedelijk College en nu doe ik niet zoveel meer met de kinderen uit de straat. Ik doe nu veel meer buiten de straat, bijvoorbeeld bij de Scouting. Vroeger werd er wel vaak wat voor kinderen georganiseerd bij het jeugdcentrum en dat vond ik altijd wel leuk. Maar voor jongeren van mijn leeftijd is er niet zoveel in de wijk.

Zou je hier later zelf gaan wonen?
Ik denk van niet. Deze wijk loopt achter, bijvoorbeeld op multicultureel gebied.

 

Zorg voor de buurman

Ik heb 45 jaar in Gestel gewoond en ik woon nu 3 jaar in de Achtse Barrier. Het koophuis waar we woonden werd te groot voor ons. Nu wonen we in een kleine seniorenwoning.
Ik ben naar deze wijk gekomen, om dichter bij mijn dochter en kleinzoon te zijn. Zij is hier gaan wonen vanwege de Mytylschool, waar mijn kleinzoon op zat.
Gestel was gezelliger, maar hier wonen we ook wel prima. We zijn ook veel op de camping, dus niet zo vaak thuis.

Mijn buurman is 87 jaar en we houden hem een beetje in de gaten. Of ie de rolluiken open en dicht doet bijvoorbeeld. Vorige week vrijdag ging het rolluik ‘s morgens niet open. Toen ben ik gaan bellen en kloppen, maar hij deed de deur niet open. De politie is gekomen en die hebben de ambulance binnen gelaten. Het ging niet zo goed met hem, maar ze namen hem niet mee naar het ziekenhuis. Toen ben ik ‘s avonds om 18 uur een boterham gaan brengen. Maar toen reageerde hij helemaal niet meer als ik hem aansprak. Toen hebben ze hem toch naar het ziekenhuis gebracht. In het ziekenhuis zeiden ze dat ie de ochtend niet gehaald zou hebben als wij niet waren komen kijken.

 

Hoe zal de wijk er over 10 jaar uitzien?

We interviewen Gorry Cleven, die buiten loopt met haar hondje Vinnie (fox terrier).
Gorry kent ons nog van de avond op 7 december. We ontmoeten haar een buurtje verder, langs de Franse Baan. Ze woont hier sinds ‘86, toen de wijk werd gebouwd. Ze bouwden hier toen hun eigen huis, ook met het oog op het opgroeien van hun kinderen (die wilde ze niet in de stad laten opgroeien). Ze ervaart het als een anonieme wijk, waar je snel buiten bent in de bossen en snel in de stad. Ze is in deze wijk vergroeid geraakt met de ruimte en de rust. Het voelt als een veilige wijk.

Dat er veel scholen zijn, was destijds ook een van de redenen om hierheen te komen. Hun kinderen zaten wel op een school, iets verder van hun eigen buurtje; de Klapwiek. Dit was omdat het een openbare school is. In de tijd dat de kinderen naar school gingen, speelden ze ook vaak in die buurt en daardoor was er als het ware een lijntje tussen deze twee buurtjes.

In de tijd dat haar schoonouders in Cantershoef zaten, hadden ze ook iets veelzijdiger binding met die buurt. Nu heeft ze vooral contact met de buren. Veel verder gaat het contact niet, en dat vindt ze ook niet erg.

Ze bezocht de avond van 7 december, omdat ze zich wel afvraagt hoe het over 10 jaar zal zijn, als ze met pensioen gaat. Dan gaan er andere belangen spelen, ook qua binding met de omgeving.

Wat ze nog van vroeger mist zijn de bibliotheek, waar ze lekker kon vertoeven en de trimbaan (die is in verval geraakt).

 

Bij ons kamp ligt alles dichtbij!

In gesprek met twee dames die al 38 jaar op het woonwagenkamp wonen: Ons bevalt het wonen in de wijk heel goed. Er is natuurlijk destijds veel gedoe geweest toen er asielzoekers geplaatst werden naast ons kamp. Er was veel verzet. Maar toen ze er eenmaal waren is het alles meegevallen. We hebben helemaal geen last van ze gehad. Er kwam natuurlijk weleens iemand het terrein op gelopen en die gingen in onze stoelen zitten, of ze kwamen tien keer langs lopen, maar ze gaven geen overlast. Toen de asielzoekers weggingen, kwamen er studenten in. Maar ook die zijn alweer weg. De Orangerie gaan ze afbreken en er komt nieuwbouw. Maar het kamp blijft.

Op het kamp hebben we voor alle bewoners alles geregeld. We helpen mekaar, of we regelen het. ‘Het is er gastvrij. Heb je eten klaar is het altijd ‘Kom mee-eten!'' ‘Mensen zien van het kamp de buitenkant, maar niet de binnenkant'.

Maar we komen natuurlijk ook gewoon in de rest van de wijk, onder de mensen. Zo kom ik al dertig jaar bij de kapper hier op het plein. Vanuit het kamp ligt alles dichtbij: aan de ene kant ligt Blixembosch; aan de andere kant de Jumbo en de Barrier aan de andere kant. Er zijn mensen uit Blixembosch die altijd bij ons komen.

 

Gastheer van de kaartclub

Albert is net 79 geworden en is gastheer voor de leden van de kaartclub OAAB: de Open Activiteitenvereniging van de Achtse Barrier. Hij is aanwezig bij de kaartclub op woensdag, de kaartclub op donderdag; hij doet de AB Meezing in de Cantershoef en is lid van de computerclub. Ook ben ik eenmaal per maand actief met de vouw-avond van het wijkblad. Over al die activiteiten zegt hij: ‘Ik ben te actief en wil het afbouwen. Het is me te veel verplichting en ik kan het allemaal niet meer aan'.

Zeker sinds hij afgelopen jaar in het ziekenhuis opgenomen is geweest. Iets waarvan hij zich niets meer kan herinneren, maar wel heel ingrijpend was voor hem en zijn vrouw. Hij is toen het gebeurde ook zijn fiets kwijtgeraakt. Hij mag ook niet meer fietsen van de dokter. Gelukkig wel weer autorijden.

Over de activiteiten in De Mortel zegt hij dat het jammer is dat er zo weinig jongeren naar de activiteiten komen. Alleen maar ‘oudjes'. En dan is het wijkgebouw in de kerstvakantie gesloten en is er voor onze ouderen niets te doen en dat is toch jammer dan hebben we het juist nodig. Al snap ik ook dat het personeel graag vrij wil zijn in deze periode, aldus Albert.

Hij voelt zich okee in de buurt. Hij voelt zich eigenlijk overal veilig. Hij woont achterin de wijk bij de geluidswal. Toen hij en zijn vrouw er kwamen wonen in 2001 was hun huis het enige zonder rolluiken in de straat. Niet dat hij rolluiken nodig vond, maar hij heeft ze toch laten installeren, want als men dan in de straat wat zou willen pikken dan ben je een makkelijk doelwit.

Ze hebben goed contact met de buren. Zijn vrouw meer dan hij, die gaat ook regelmatig op bezoek bij de overbuurvrouw. Vroeger kende hij meer mensen in de straat.

 

Adopteer een straat!

Deze dame heeft zichzelf ook opgegeven voor deze verhalenexpeditie. Ze is een actieve buurtbewoonster, ze is bezig een bloementuin te realiseren op een stuk braakliggend terrein in de wijk en zorgt ervoor dat haar eigen straat schoon blijft met het project ‘adopteer een straat'. Ze heeft behoefte aan meer sociaal contact in de wijk voor bijvoorbeeld een gezamenlijke wandeling of fiets-ronde. Op zoek naar verbinding met andere bewoners in de wijk.

 

Wie-Weet-Wat quiz!

Mevr. 63 jaar en net gestopt met werken. Is heel tevreden over de wijk, woont nu in een bungalow en wil hier nooit meer weg. Ze heeft laatst aan de Wie-Weet-Wat-quiz meegedaan. Een tip van de buurvrouw. Ze kent namelijk niemand in de straat en wilde graag wat meer in contact komen met de buurtbewoners.

Na de quiz heeft ze al wat nieuw contacten gelegd. Ze navigeert makkelijk door de wijk, van supermarkt, tot wandelingen, tot lekker fietsen van A naar B. Mevrouw geeft haar woongenot een cijfer 9.

 

Voornamelijk witte wijk

Wendy is leerkracht groep 3 & 4 van Basisschool Onder De Wieken.
Dit is wel een vriendelijke wijk. De kinderen en ouders zijn open en durven hun zegje te doen. Ik heb ook op andere scholen gewerkt, als vervanger, voordat ik hier een aanstelling kreeg.

Vergeleken met andere wijken is dit een witte wijk, met goed opgeleide ouders. De ouders spreken goed Nederlands. Dit is een Jenaplanschool dus het trekt ook wel mensen aan die voor hun kinderen speciaal zo'n school kiezen. De kinderen leren hier om samen te werken, sociaalvaardig te zijn, kritisch op zichzelf te zijn.

Verder weet ik eigenlijk niet zoveel wat er georganiseerd wordt voor kinderen in de wijk. Met de avondvierdaagse lopen wel alle kinderen van de school mee.

Ik zou zelf niet in deze wijk gaan wonen. Niet vanwege de mensen, wat die vind ik prima. Maar ik wil graag werk en privé gescheiden houden en dat wordt lastig als ik de kinderen of de ouders overal tegenkom. Ik woon nu in een dorp en daar wordt veel georganiseerd, zoals markten enzo. Dat heb je in deze wijk volgens mij niet.

 

De stad is massaler en vernieuwender

Ik woon mijn hele leven al in deze wijk. Dus dat is al 17 jaar. Ik woon nog wel even bij mijn ouders. Dat bevalt me prima. In onze straat wonen veel mensen van mijn leeftijd. Dat vind ik gezellig. Ik speelde vroeger altijd buiten bij ons voor op het veldje. Vroeger kwam ik ook wel in het jeugdcentrum De Mortel. Nu heb ik meer vrienden buiten de wijk. Die contacten verwateren toch.

Ik studeer nu Mode bij het Summa College. Ik loop stage in Rotterdam. Het is daar heel anders dan hier. Als ik uit de trein stap zie ik daar veel meer buitenlanders. En het zijn veel grote gebouwen, veel massaler. Ik weet niet of ik hier blijf. Als ik in de mode vooruit wil, dan kan ik beter naar een grote stad als Amsterdam verhuizen. Daar is het veel vernieuwender op dat gebied.

Maar anders zou ik hier blijven. Ik ken veel mensen en het voelt hier vertrouwd. We hebben met de buren goed contact. Alles is hier, de Jumbo, Kruidvat. Met een kwartiertje fietsen ben je in de stad, als je uit wilt op het Stratumseind. Uitgaan in deze wijk kan eigenlijk niet. Ik associeer het hier toch meer met oudere mensen.

 

Super blij met de stuntstepbaan

Onur (8) en Silvian (9) op de stunt-stepbaan. Ze wonen een paar straten verderop en zijn op hun toer langs de verschillende speelplekken. Net waren ze nog bij de dijk langs de snelweg, waar ze altijd gaan spelen tussen de bomen. Nu crossen ze over de zandbulten van de stuntstepbaan en zo meteen gaan ze in de klimboom, die aan de andere kant van het veld staat. Ze gaan ook wel vaker voetballen op het veld dat schuin tegenover het veldje ligt waar we nu zijn. Ook spelen ze weleens in de verschillende speelplaatsen dichter bij huis, maar niet zo vaak, want daar zijn ze te dicht bij huis.

Ze zitten op Basisschool de Klimwijs; ook in dit buurtje. Echte buurtkinderen, die letterlijk de randen van hun buurtje opzoeken, om stoer te spelen. De papa van een van de kinderen werkt veel in Amerika. Moeder in het Catharina ziekenhuis. De opa en oma van Silvian wonen bij hem, in een apart deel van het huis.
De kinderen zijn super blij met deze stuntstepbaan.

Onur en Silvian begroeten Daan, die komt aanfietsen met zijn BMX. We praten even met hem verder. Hij vindt het hier fijn, een gezellige buurt. Deze stuntstepbaan maakt dat hij weer veel meer kan bewegen, en dat ook andere kinderen dat doen. De vorige baan (ramp), lag meer afgelegen en die werd vaker in brand gestoken.

Daan woont hier ook even verderop. Hij gaat verder buiten de Achtse Barrier naar school in De Rooi Pannen. Ook gaat hij vaker naar Strijp-S om te BMX-en.

Daan spreekt hier af met zijn vrienden via de app; in de verte komt al een vriend aanfietsen en we maken een foto van zijn jump.

 

Kapper van de buurt: Wijkman Haarmode

De kapper in het winkelcentrum op het Ardècheplein werkt al 30 jaar op deze plek.
Hoewel hij zelf in Acht woont krijgt hij natuurlijk veel mee van wat er speelt op en rond het plein en winkelcentrum. Zo'n 15-20 jaar geleden waren er best veel problemen met jongeren die op en rond het plein hingen.Er is destijds ook een wijk-overleg ingesteld, maar tegenwoordig is het allemaal heel rustig. Wat hem betreft is het Ardècheplein de fijnste plek in de buurt, maar dat komt omdat hij daar ook het meeste van zijn tijd  doorbrengt.

Achtse Barrier is vooral een fijne buurt vanwege de hoeveelheid groen. Zeker als je het vergelijkt met de andere wijken. De diversiteit is ook goed: er is variatie van koop- en huurwoningen; er is menging van verschillende sociale klassen. Het zijn voornamelijk autochtonen. In de wijk Meerhoven zie je veel meer expats. Jeugd die uit de Achtse Barrier is weggetrokken zie je nu weer terugkomen in de wijk.

Hij geeft aan dat mensen wel een buurtkroeg wensen, maar vervolgens voor dat soort vertier vooral buiten de wijk zoeken. De Mispelhoef is een goed voorbeeld van wat wel zou werken. Een speeltuin zou fijn zijn.

Het Buurtcentrum trekt niet zo qua locatie. Ze hebben heel veel activiteiten maar het zijn vaak dezelfde mensen die daar blijven komen. Vooral oudjes ook. Vroeger was er het Kindercarnaval, dat was heel groot, maar dat is doodgebloed.

Je ziet dat de samenhang in de buurt over de jaren een ontwikkeling heeft doorgemaakt: Toen iedereen er gezamenlijk nieuw kwam wonen trok men samen op. Je moet er samen iets van maken. De eerste bewoners die wisselen, stellen zich nog voor aan de directe naaste buren, maar de volgenden doen ook dat niet meer. Zelfde gebeurt met de middenstand in het winkelcentrum. Gelukkig is er wel goed contact en is er geen leegstand.

 

Bloemiste La Fleur

Bloemist zijn in de Achtse Barrier is een heel sociale functie. Mensen denken dat je alleen bloemen verkoopt, maar af en toe lijkt het alsof je een sociaal werker bent. Mensen willen toch hun verhaal bij je kwijt en bloemen horen bij grote gebeurtenissen. Bijvoorbeeld mensen komen een bloemetje bestellen voor de nabestaanden van een overledene en vertellen je het hele levensverhaal van de bewuste persoon. Ze zitten met die emotie en willen het toch kwijt.

De bloemiste werkt al 20 jaar bij de zaak en woont al haar hele leven in de Achtse Barrier. Het is haar bedoeling in de wijk te blijven wonen. Ze heeft hecht contact met een aantal buren, maar ook enkele waar het contact stroef mee verloopt. Ze heeft twee kinderen die naar de middelbare school gaan en beiden vooral buitenschoolse activiteiten hebben buiten de wijk.

Ze vindt dat er wel een paar gevaarlijke kruispunten zijn in de wijk. Bij het Frits Philipslyceum is er een rotonde gemaakt, maar de verkeerssituatie is er niet overzichtelijker op geworden. En verder zijn er een paar fietsoversteekplaatsen bij de Franse Baan die 's avonds slecht verlicht zijn.

 

Saamhorigheid

Mevrouw met hondje woont hier al 20 jaar. Komt vanuit Gestel. Moest erg wennen in de buurt, vooral omdat ze weinig contact had met haar buren, terwijl in Gestel veel mensen "op straat leven". Vanaf moment dat kinderen naar school gingen meer contact.

De saamhorigheid is goed in la Courtinehof. Er worden barbecues georganiseerd of doen samen werkzaamheden. Als er iets aan de hand is heeft ze buren op wie ze terug kan vallen. Ze vindt dat mensen te snel over elkaar oordelen.

Groot aandachtspunt is de snelheid op de Franse Baan.

 

Bij de Jumbo is drama

Ruben en Ruben zijn leerlingen van 3 Havo. Met vrienden lachen ze veel op school. Gebouw lijkt op een ziekenhuis. De ramen leiden af, ze noemen het vissenkom-lokalen. Contact met leraren is goed. De lessen vinden ze saai.

In de zomer veel buiten met vrienden in het park. Voetballen, of bij het stuntbaantje.

Soms zitten we bij de Jumbo, maar dat is drama. Mensen zeggen:"We bellen de politie, jullie maken rommel, rot op K-kinderen!" en dat terwijl we er alleen maar zitten. De vuilnisbak daar is altijd vol en dan is er snel gewezen naar degenen die daar op het bankje zitten. Als we hard lachen denken mensen dat het om hen gaat en dat we ze uitlachen, maar dat is niet zo. We zijn een groepje van 6 of 7 jongens en worden ook door het personeel van de Jumbo regelmatig weggestuurd. In onze ogen doen we niks verkeerd!

 

Niet zoveel reuring als in de stad

Frank woont inmiddels 6-7 jaar in de wijk.
Hij is hierheen verhuisd vanuit het centrum. Je krijgt hier veel huis voor je geld, maar hij mist de gezelligheid van de stad. Hij en zijn vriendin denken er wel over na om weer centraler te gaan wonen.

Ze hebben heel goed contact met de directe buren. Er is elk jaar een buurtbarbecue waar veel mensen komen. ‘Als er iemand op vakantie gaat, dan houden we voor elkaar een oogje in het zeil'. Veel buren komen zelf ook uit de Achtse Barrier, die zijn heel close met elkaar. Het is prima wonen hier. De Emté is om de hoek. Maar hij is vooral gehecht aan zijn eigen fijne straat. Hij heeft verder niet zo heel veel met de wijk.

Er hangen camera's in jouw straat. Is dat omdat het onveilig is?
Dat is een grappige vraag. De camera's hangen er in verband met een onderzoekje naar de werking van een proef met geautomatiseerde lantarenpalen, die aan gaan als je erlangs loopt. Maar ze hebben als prettig bijeffect dat er in de straat geen auto inbraken meer zijn. Dus het is fjn dat ze er hangen. Op het hoekhuis is bijvoorbeeld wel een paar keer ingebroken.

 

Wijk voor gezinnen

We ontmoeten Karin en haar kinderen van 5 en 3 jaar aan de Franse baan, niet ver van de Emté. Ze loopt naar de winkel en woont aan de Franse Baan. Ze wonen sinds 10 jaar in de Achtse Barrier. Karin komt zelf niet uit Eindhoven, maar ze wonen in Eindhoven omdat haar man ‘die-hard Eindhovenaar' is.
Ze wonen in de AB omdat het een wijk voor gezinnen is, met veel ruimte voor kinderen en honden, veel groen, veel speeltuintjes, veel scholen en ruime tuinen. De kinderen gaan naar ‘onder de wieken'. Ze gaan naar het winkelplein van de Emté. Het winkelcentrum van de Jumbo vindt ze een ‘rotplein'.

 

Fijne kalme, groene wijk

Adrian is zes jaar geleden naar Nederland gekomen vanuit Polen en we komen hem tegen op de rand van de Groene Long. Anderhalf jaar geleden kwam hij naar deze wijk omdat het vlakbij zijn toenmalige werk ligt; een ‘Logistics warehouse'.
Sinds hij hier woont komt hij veel meer buiten. Hij houdt erg van het groen en wandelt er veel doorheen. Hij vindt dat er veel honden zijn (hij houdt meer van katten) en hij vindt al de ganzen en eenden een typisch gegeven in het groen van Achtse Barrier.

Hij vindt het prettig dat de winkels dichtbij zijn. Hij woont zelf aan het Biaritzplein. Hij noemt specifiek dat er heel weinig vandalisme is in deze wijk. Hij herinnert zich wel die ene keer dat er een ontploffing was op het plein, door vandalen. De wijk is een kalme wijk en dat vindt hij erg prettig.

 

‘Rondje Franse Baan' wandelen

Geert wandelt zijn ‘rondje Franse Baan'. Een rondje dat door veel mensen in de wijk gewandeld wordt, ook als hardloopronde. Het is iets van 5 km.
Geert woont goed: tussen de twee winkelcentra, aan de groene long, niet ver van het water.
Hij geeft aan dat hij de meeste activiteiten van De Mortel niet kan bijwonen, omdat ze veelal overdag zijn, als hij werkt. Hier waren ooit nog Korenvelden. Hij weet dat nog, uit de tijd dat hij in Son en Breugel woonde. Zoals zo velen die hier al langer wonen veel mensen herinneren zich de tijd van akkers en velden, waar de wijk voor in de plaats kwam.

 

Echte familiewijk

Wonen nu 7 jaar in de Achtse Barrier. Hij is 37 jaar en zij 35 jaar. Beiden zijn HBO+ geschoold en hebben twee kinderen. Ze ervaren deze wijk als een echte familie-wijk. Deze familie houdt zich niet bezig met de sociale activiteiten in de wijk. Daar hebben ze ook geen interesse in.

Ze ontvangen het wijkblad 't Brierke wel, en dat lezen ze. Gewoon om globaal toch wat op de hoogte te blijven van wat er in de wijk gaande is. De familie maakt verder niet veel gebruik van de faciliteiten in de wijk. Qua navigeren door de wijk concentreert zich dat vooral op het park en de speeltuinen voor de kinderen.

Het woongenot krijgt een cijfer 9 van mevrouw en meneer vindt dat wel aan de hoge kant en geeft het een 7,5. Het imago van de wijk kan nog wel wat opgekrikt worden.

En als we dan toch bezig zijn met het interview over tevredenheid, dan mogen er rondom de Fransebaan wel wat meer zebrapaden komen en minder ganzen in het park.